Nederland is een aardgasland. Naast de 175 kleinere gasvelden waaruit NAM gas produceert, speelt het Groningen-gasveld een grote rol. De gaskwaliteit kan per gasveld aanzienlijk verschillen.

Laagcalorisch en hoogcalorisch

De kwaliteit van gas wordt bepaald door de calorische waarde, ook wel verbrandingswaarde genoemd. De calorische waarde geeft aan hoeveel energie 1 m3 aardgas bevat. NAM produceert zowel hoogcalorisch gas (H-gas) als laagcalorisch gas (L-gas of G-gas).

Laagcalorisch: Groningen-gasveld

Het Groningen-gasveld bevat aardgas met een laagcalorische waarde. Daarmee wijkt het af van de meeste andere velden in de wereld. Dit komt doordat het gas een relatief groot aandeel (14%) stikstof bevat. Dit laagcalorische aardgas is de standaard geworden voor gasfornuizen en cv-ketels. Niet alleen in Nederland, maar ook in België, Duitsland en Noord-Frankrijk.

Hoogcalorisch: kleine velden

Hoogcalorisch gas bevat veel minder stikstof. Daarom kan uit dit gas meer energie worden gehaald. In Nederland komt hoogcalorisch gas vooral voor in de kleine gasvelden op land en zee. Ook vanuit Rusland en Noorwegen wordt hoogcalorisch gas naar Nederland getransporteerd. Als hoogcalorisch gas bestemd is voor gebruik door particulieren, moet het worden gemengd tot de kwaliteit van het laagcalorische G-gas. Dat kan bijvoorbeeld door het toevoegen van stikstof, waarmee de calorische waarde afneemt.

Gescheiden netwerken

De Gasunie, het bedrijf dat voor het transport van het gas zorgt, werkt met gescheiden leidingnetwerken. Het ene voor laagcalorisch gas, het andere voor hoogcalorisch gas. Het netwerk voor hoogcalorisch gas wordt ook gebruikt voor rechtstreekse levering aan grootverbruikers zoals elektriciteitscentrales, raffinaderijen en hoogovens.

Scheikundige samenstelling

Aardgas bestaat voornamelijk uit methaan, stikstof, ethaan, propaan, butaan en kooldioxide (CO2). Methaan, ethaan, propaan en butaan zijn verbindingen van koolstofatomen (C) en waterstofatomen (H). Samen heten ze koolwaterstoffen. Het gehalte aan pure koolwaterstoffen in het gasmengsel bepaalt de verbrandingswaarde – de calorische waarde – van gas. En daarmee ook de gaskwaliteit.

De gaskwaliteit wordt ook bepaald door de aanwezigheid van ongewenste componenten zoals zwavelverbindingen. Een ervan is zwavelwaterstof (H2S). Dit is een rottingsgas dat na enige tijd bij het vergaan van planten en dieren kan vrijkomen. In lage concentraties zal het ruiken naar rotte eieren. In hoge concentraties is het schadelijk voor de gezondheid. In enkele gasvelden komt dit ‘zure’ gas met zwavelwaterstof voor. Dit gas wordt volledig gezuiverd in speciale installaties.

Meer over Het winnen van aardgas

Wellicht ook interessant

Groningen-gasveld

Vrijwel alle huishoudens in Nederland gebruiken aardgas uit Groningen. Het Groningen-gasveld kan dit gas nog tientallen jaren leveren.

Aardgas uit kleine velden

Naast het grote Groningen-gasveld zijn er nog 175 kleine gasvelden in Nederland waarvoor NAM een vergunning heeft.