Het gas wordt opgeslagen in een poreuze zandsteenlaag, op een diepte van 2500 tot 4000 meter. Daarboven bevindt zich een afdichtende zoutlaag. Het geïnjecteerde aardgas komt via een ondergrondse pijpleiding in de gasopslag.

Tijdens het op druk brengen, loopt de temperatuur van het aardgas flink op. Het gas moet daarom worden gekoeld. Een elektromotor drijft de hiervoor benodigde compressor aan. De benodigde elektriciteit komt binnen via een ondergrondse hoogspanningsleiding van 110.000 volt.

Winning

Het winnen van gas uit ondergrondse gasopslag gebeurt op dezelfde wijze als bij een gewoon gasveld. Na winning gaat het gas door een gasdrooginstallatie heen. Daar wordt het gedroogd om vloeistoffen te verwijderen die er van nature in voorkomen. Dat betreft vooral water en aardgascondensaat: een soort benzine.

Na het drogen stroomt het gas door de adsorptietoren. De toren is gevuld met korrels silicagel. Deze korrels halen de resterende vloeistoffen uit het aardgas. Tot slot wordt het droge aardgas op de juiste druk en de juiste temperatuur gebracht en geleverd aan de Gasunie.

De fakkelpijp is een van de meest zichtbare elementen van de ondergrondse gasopslag. Het sluiten van de productie- en injectie-installatie kan nodig zijn voor onderhoudswerkzaamheden. Als er dan nog aardgas in de leiding zit, wordt dat via de fakkelpijp verbrand.

Risico’s van ondergrondse gasopslag

NAM onderzoekt bij elk gasveld de mogelijke seismische risico’s. Dus ook bij ondergrondse gasopslag. De kans op seismische activiteit bij gasopslag is gering. Na onderzoek maken we een inschatting van het aardbevingsrisico. Dit staat in het Opslagplan dat het ministerie van Economische Zaken moet goedkeuren. In het plan staat welke activiteiten onder welke voorwaarden zijn toegestaan. In de omgeving van de gasopslag bij Norg heeft NAM in 2015 een meetnetwerk geplaatst. Dit netwerk bestaat uit geofoons, gebouwsensoren en versnellingsmeters.

Controle en rapportages

De bodem in de omtrek van een gasopslag daalt en stijgt. In de zomer als aardgas wordt geïnjecteerd, stijgt de bodem enkele millimeters. In de winter daalt de bodem enkele millimeters. Dat komt doordat het gashoudende gesteente ‘elastisch’ is. Door metingen met GPS en satelliet houdt NAM de stijging en de daling van de bodem nauwkeurig in de gaten. We rapporteren deze cijfers aan Staatstoezicht op de Mijnen (SodM). De bodemdaling- en stijging vindt zeer gelijkmatig plaats over een zeer groot gebied. Daarom is het niet merkbaar en leidt het niet tot schades aan gebouwen.

Meer over Ondergrondse gasopslag

Gasopslag locaties

Bij Norg wordt laagcalorisch aardgas geïnjecteerd en geproduceerd. Bij Grijpskerk gaat het om hoogcalorisch aardgas. Beide locaties zijn in 1997 geopend.

Wellicht ook interessant

Hoe wordt aardgas gewonnen?

Aardgaswinning op land gebeurt altijd op dezelfde manier: opsporen, boren van aardgas en vervolgens het opruimen van de winningslocatie.

Milieu

NAM ontziet het milieu zo veel mogelijk. Dat beloven we, dat doen we en dat laten we door onafhankelijke partijen controleren.

Techniek en innovatie

NAM ontwikkelt nieuwe technieken: energiezuiniger en milieuvriendelijker. Daardoor kunnen we steeds meer gas uit bestaande velden en gas uit kleinere velden winnen.