Blauwe lichtbewolkte lucht, groen weiland en in de verte een boorinstallatie

De afgelopen weken zijn in Zeerijp over een lengte van 180 meter gesteentemonsters uit de diepe ondergrond van het Groningen-gasveld gehaald. Deze zogenoemde kernen kunnen tot wel 30 meter lang zijn. Ze worden geboord met een boortoren en een holle boorkop. Het boren is vergelijkbaar met de werking van een ‘appelboor’. Het gesteente wordt vervolgens vanaf ongeveer drie kilometer diepte naar boven gebracht. De laatste kern komt naar verwachting in de week van 17 augustus aan de oppervlakte.

Dankzij deze gesteentemonsters uit de diepe ondergrond krijgen we beter inzicht in de toekomstige inklinking (compactie) van het gesteente en de beweging en wrijving van het gesteente op breukvlakken tijdens een aardbeving. Compactie wordt gezien als een belangrijke factor bij het ontstaan van aardbevingen door gaswinning. Jan van Elk, hoofd van het onderzoeksprogramma bij NAM over het onderzoek: “De gesteentemonsters worden onder meer onderzocht in het lab van de faculteit geowetenschappen van de Universiteit Utrecht. We zetten de beste nationale en internationale universiteiten en onderzoeksinstituten voor ons onderzoeksprogramma in.”

Micro-trillingen en monitoring compactie

De put in Zeerijp is, net als de eind 2014 geboorde put in Zeerijp, speciaal ontworpen voor het plaatsen van geofoons. Nadat de gesteentemonsters zijn getrokken, plaatst NAM bij deze put de zeer gevoelige meetapparatuur over een lengte van 560 meter. Bij de andere put gebeurt dat over een lengte van 470 meter.

Jan van Elk: “De geofoons zijn in staat om ook hele kleine aardbevingen te meten, zogenoemde microseismiciteit. Met die data zijn we beter in staat om te bepalen op welke diepte aardbevingen plaatsvinden. Dit inzicht is waardevol, omdat de diepte mede bepaalt hoe sterk de grond aan de oppervlakte beweegt bij een aardbeving. De diepte speelt dus een rol bij de mate van schade aan – en veiligheid in – huizen en gebouwen in de regio.”

In een eerder stadium werden twee oude observatieputten in Zeerijp en Stedum voorzien van geofoons. Bij de nieuwe speciaal ontworpen putten, worden de geofoons over grotere lengte geplaatst. De analyses van de metingen van de geofoons maken we inzichtelijk via onze website. Ook worden er in het boorgat metingen gedaan en wordt de put voorzien van een glasvezel kabel. Deze kabel is in staat om realtime de mate van compactie te monitoren. Het is voor het eerst dat deze innovatieve techniek in het Groningen-gasveld toegepast en getest wordt.

Aardbevingen door gaswinning

In Groningen zit aardgas onder hoge druk opgesloten in een poreuze zandsteenlaag op ongeveer drie kilometer diepte, onder een dikke ondoordringbare zoutlaag. De druk in de zandsteenlaag neemt af als gevolg van de gaswinning. Hierdoor wordt de poreuze aardlaag onder het gewicht van het bovenliggende gesteente ineen gedrukt. Dit noemen we compactie. Compactie leidt tot gelijkmatige bodemdaling over een groot oppervlak. Hierdoor voltrekt zich een langzame, schotelvormige daling van de bodem boven het Groningen-gasveld. Wanneer aardlagen bij een natuurlijke breuklijn in elkaar worden gedrukt, kan er spanning ontstaan waardoor die aardlagen schoksgewijs verschuiven: dit is een aardbeving.