Jump menu

Main content |  back to top

Persberichten

NAM rapporteert nieuwe prognoses voor bodemdaling in Noord-Nederland

De bodemdaling als gevolg van gaswinning uit NAM-velden in Groningen, Friesland en Noord-Drenthe verloopt grotendeels in overeenstemming met eerdere verwachtingen. Dat blijkt uit de nieuwe prognose die de Nederlandse Aardolie Maatschappij B.V. (NAM) heeft uitgebracht aan de provincies Groningen en Fryslân, aan de betreffende waterschappen en aan de Commissies Bodemdaling door Aardgaswinning. De vorige bodemdaling prognose van de NAM is gepubliceerd in 2005. In het rapport zijn de prognoses voor alle afzonderlijke NAM-velden in Noord-Nederland in kaart gebracht. Eventuele wijzigingen ten opzichte van eerdere prognoses en verklaringen daarvoor worden in het rapport beschreven.

In het statusrapport van 2005 werd vooruitgekeken tot 2050. Dankzij het toepassen van nieuwe technologieën en innovaties en een aantal andere maatregelen is het nu duidelijk dat er langer gas kan worden gewonnen uit het Groningen-gasveld. Het nieuwe statusrapport 2010 toont daarom naast de bodemdaling prognose voor 2025 en 2050, ook de bodemdaling prognose voor 2070. Volgens de huidige inzichten zal de bodemdaling in het centrum van de schotel boven het Groningen-gasveld in 2070 op het diepste punt tussen de 40 en 54 centimeter bedragen. Een waarde van 47 centimeter wordt nu het meest waarschijnlijk geacht. Dit is in lijn met de verwachtingen uit 2005. Destijds werd voor 2050 een bodemdaling van minder dan 48 centimeter verwacht, waarbij een waarde van 42 centimeter het meest waarschijnlijk werd geacht. De huidige prognose van 2070 is gebaseerd op 20 jaar extra gasproductie t.o.v. de voorspelling uit 2005.

Uit de metingen blijkt dat de huidige bodemdaling in Groningen die sinds de start van de gaswinning daadwerkelijk is opgetreden in het centrum van de schotel boven het Groningen-veld circa 30 centimeter bedraagt. Dit is 2 centimeter meer dan gemodelleerd in 2005. Een aangepaste analysemethode is hiervan een van de oorzaken.

Ook de prognose voor bodemdaling boven de NAM-gasvelden in Friesland is iets gewijzigd ten opzichte van 5 jaar geleden. Bij Tietjerksteradeel wordt nu iets meer daling verwacht, terwijl de daling in de omgeving van Anjum beperkter zal blijven. De bodemdaling prognoses voor alle afzonderlijke NAM-gasvelden in Noord-Nederland zijn in het rapport in kaart gebracht. Eventuele wijzigingen t.o.v. eerdere prognoses en verklaringen daarvoor worden in het rapport beschreven.

De NAM verwacht dat de nieuwe prognose op korte termijn geen aanleiding zal geven tot significante wijzigingen ten opzichte van reeds voorziene waterhuishoudkundige maatregelen door waterschappen of andere overheden. Het ingezette beleid zal worden voortgezet en per situatie zal met de betrokken partijen worden gekeken of in de toekomst - aanvullende maatregelen nodig zijn.

De NAM heeft met de provincies Groningen en Fryslân afgesproken om eens in de 5 jaar te rapporteren over de verwachte bodemdaling door middel van een statusrapport. Dat gebeurt onder meer op basis van actuele metingen in het gebied. Deze zogeheten vijf jaarlijkse ‘grote waterpassing’ is het meest recent in 2008 uitgevoerd. In het nieuw verschenen statusrapport 2010 is ook de radar interferometrie (InSAR) techniek gebruikt voor het bepalen van de opgetreden bodemdaling. De NAM heeft sinds 2003 samen met de Technische Universiteit Delft gewerkt aan deze technologie en aangetoond dat deze meetmethode bruikbaar is voor het registreren van bodemdaling als gevolg van o.a. gaswinning in Noord-Nederland. Deze nieuwe technologie, met behulp van radaropnames vanuit satellieten, levert extra informatie op ten opzichte van de traditionele meetmethodes. Hierdoor kan in de toekomst het bodembewegingsgedrag nog beter in kaart worden gebracht.

De NAM zal in 2015 opnieuw rapporteren over de verwachte bodemdaling.

Statusrapport 2010

Download hier Bodemdaling door Aardgaswinning. Statusrapport 2010 en Prognose tot het jaar 2070

Statusrapport 2010