Johan Atema, directeur NAM en nauw betrokken bij het Ternaard-proces: “Het ontwerpbesluit brengt het in productie nemen van het gasveld Ternaard een stap dichterbij. De afgelopen jaren hebben we met de omgeving en overheden in Noordoost Friesland een intensief omgevingsproces doorlopen. We hebben afspraken gemaakt onder welke voorwaarden de eventuele gaswinning kan plaatsvinden, als de vergunning verleend gaat worden”.

Het Ternaard-veld ligt onder het Wad, en dat betekent dat de winning verantwoord en zorgvuldig moet plaatsvinden. Daarom geldt voor Ternaard, net als bij de andere gasvelden onder het Wad, het hand aan de kraan-principe. De bodemdaling mag daarbij niet groter zijn dan de aanvoer van het sediment vanaf zee, de natuur compenseert daarmee als het ware de bodemdaling.

Hand aan de kraan-principe

Atema: “Uitvoerige onderzoeken, onder andere een recente toetsing door een onafhankelijk Adviescollege die op verzoek van de Tweede Kamer werd ingesteld, laten ook zien dat dit hand aan de kraan-principe werkt. Ook de vele jaarlijkse onderzoeken naar eventuele gevolgen voor de natuur laten zien dat er geen nadelige effecten zijn. Wij blijven ons daarom ook de komende jaren inzetten voor een verantwoorde en duurzame gaswinning in het Waddengebied. Als onze gaswinning een daadwerkelijke bedreiging voor het Wad is of op enig moment wordt, dan stoppen wij ermee.“

Het Ternaard-gasveld ligt ten noorden van het dorp Ternaard in Friesland, voor een belangrijk deel onder de Waddenzee. In 1991 is er een proefboring uitgevoerd in dit veld, maar werd toen nog niet in productie genomen. NAM wint al sinds 1985 aardgas in Noordoost Friesland en sinds 2007 ook uit velden die (deels) onder de Wadden liggen.

Kabinetsbeleid

De gaswinning door NAM vindt plaats in het kader van het kabinetsbeleid waarin binnenlands aardgas een duidelijke voorkeur krijgt boven geïmporteerd aardgas wanneer het veilig en verantwoord kan. Dit is vastgelegd in het zogeheten Kleine Veldenbeleid, in 2018 naar de Tweede Kamer gestuurd. Het kabinet wijst daarin onder meer naar de significant lagere CO2-bijdrage van binnenlands gas ten opzichte van geïmporteerd gas.