De NAM heeft zich welwillend opgesteld en ondanks haar bezwaren toch een groot deel van de facturen onder protest betaald. Voor doorbelasting van het overige deel van de facturen bestaat wat de NAM betreft vooralsnog geen grond, tenzij de overheid kan aantonen dat dat wel zo is.

In de brief aan het ministerie van EZK spreekt de NAM opnieuw de wens uit om in gesprek tot een oplossing te komen. Mochten de Staat en de NAM daar niet in slagen dan zou arbitrage – beoordeling door een onafhankelijke derde - over het geschil een uitkomst kunnen zijn. De minister heeft deze arbitragemogelijkheid eerder dit jaar aan de Tweede Kamer al genoemd als eventuele oplossing in dit geschil.

Zoals bekend staat de NAM op afstand en is daarmee op geen enkele wijze meer betrokken bij de schadeafhandeling of de versterkingsaanpak in Groningen. De NAM benadrukt dat kosten, zowel die voor schade als de voor veiligheid benodigde versterkingskosten, voortkomend uit aardbevingen ten gevolge van gaswinning, worden betaald.

Toelichting:

In de afgelopen anderhalf jaar heeft de NAM in meerdere brieven en tijdens een aantal gesprekken bij de betrokken ministeries van EZK en BZK haar bezwaren tegen de volledige doorbelasting van de versterkingskosten opgebracht. De NAM kan, ondanks herhaalde informatieverzoeken, nog steeds niet goed beoordelen of de facturen in lijn zijn met de eerder gemaakte contractuele afspraken. Deze afspraken liggen vast in de betalingsovereenkomst versterken uit 2018 tussen het ministerie van EZK en de NAM, die gesloten is op basis van het Mijnraadadvies van 2 juli 2018 en de brief daarover van de minister aan de Tweede Kamer van 5 oktober 2018. Het Mijnraadadvies is gebaseerd op het besluit van de minister, begin 2018, om de productie uit het Groningenveld zo snel als mogelijk en uiterlijk rond 2030 naar nul te brengen. Daarna is er opnieuw een versnelling in de geplande productieafbouw doorgevoerd.

Deze versnelde productieafname heeft uiteraard een positief effect op de veiligheid, zoals de minister bijvoorbeeld ook aangeeft in zijn ontwerp-vaststellingsbesluit voor het komende gasjaar. Dit gegeven ziet de NAM niet gereflecteerd in de omvang van de versterkingsoperatie. Het staat de overheid uiteraard vrij om de versterkingsoperatie vorm te geven zoals zij wil en daarin in overleg met de regio keuzes te maken. De NAM zou conform de versterkingsovereenkomst alleen aangeslagen moeten worden voor kosten die noodzakelijk zijn voor de veiligheid. Daarnaast constateert de NAM dat de rekenrichtlijnen waarmee mogelijk onveilige huizen beoordeeld worden onvoldoende rekening houden met de versnelde afname van productie en de wetenschappelijk verkregen inzichten in de sterkte van het Groningse huizenbestand.

Ook de externe accountant van de NAM heeft aangegeven de aangeleverde onderbouwing van de facturen onvoldoende te vinden om de jaarrekening van NAM goed te kunnen beoordelen.