In de 10 jaren na ‘Huizinge' komen er nog veel aardbevingen voor. De gevolgen en invloed van deze aardbevingen op bewoners, maar misschien nog meer de persoonlijke gevolgen van de trage schadeafhandeling en versterking van woningen, is aanzienlijk. Ook veel NAM-collega’s die in de provincie Groningen wonen, worden hiermee geconfronteerd. De gaswinning in Groningen, waar heel Nederland decennialang op kon rekenen, werd van een oplossing een probleem.

De NAM is op dat moment verantwoordelijk voor de schadeafhandeling van deze bevingen en handelt deze in de eerste jaren zelf af. Er komen tienduizenden schademeldingen binnen en er wordt hard gewerkt om deze meldingen af te handelen. De sterk stijgende omvang en de complexiteit van de schadeafhandeling is nieuw terrein en het blijkt achteraf een te grote opgave voor de NAM, dat als mijnbouwbedrijf niet de ervaring, kennis en kunde heeft om grootschalige schade af te handelen. In 2015 wordt het Centrum Veilig Wonen ingesteld dat apart van de NAM de uitvoering van de schadeafhandeling op zich neemt. In het voorjaar van 2018 neemt de overheid de taak van de NAM op het gebied van schadeafhandeling over. De NAM en Centrum Veilig Wonen hebben in de voorgaande jaren dan zo’n 80.000 schademeldingen afgehandeld. Dat de overheid de rol van de NAM overneemt is een belangrijke stap die de NAM op afstand plaatst, een wens van alle betrokkenen en de NAM zelf.

In recentere jaren worden alle aardbevingsgerelateerde regelingen ook overgedragen aan de overheid, net als de Hazard and Risk assesment (HRA) – die aangeeft wat de veiligheidsrisico’s zijn op enig moment van aardbevingen op gebouwen - aan TNO. Daarmee staat de NAM echt op afstand van de uitvoering en betaalt de NAM de rekening voor aardbevingsgerelateerde schade zoals met de overheid is afgesproken.

Het is lastig om na 10 jaar een objectieve balans op te maken rond de zeer ingewikkelde situatie in Groningen. Het is een feit dat veel problemen zijn aangepakt door alle betrokken partijen, maar ook dat nog veel problemen niet zijn opgelost. Een belangrijke stap zet minister Wiebes in maart 2018 door de sluiting van het Groningen-gasveld aan te kondigen. De NAM is de afgelopen jaren begonnen met het stap voor stap sluiten van gaswinningslocaties op het Groningen-gasveld.

Uiteraard is er ook een aantal lessen te trekken. Deze aardbevingen vonden al veel langer plaats en hoewel mogelijk niet met de impact van de laatste 10 jaar, de NAM en vele andere betrokken partijen hadden nieuwsgieriger moeten zijn. Het internationale onderzoek dat na de Huizinge-beving in 2012 is gestart, had bijvoorbeeld eerder opgestart moeten worden. Na Huizinge heeft de NAM te lang met een technisch bril naar de uitdagingen gekeken, er was onvoldoende oog voor de menselijke kant van de dossiers. En het is helder dat verhouding tussen lusten en lasten voor de Groningers uit balans was.

Leren van de lessen is voor ons belangrijk, want Nederland moet ook in de komende periode kunnen rekenen op energie uit eigen bodem, buiten Groningen, totdat de energietransitie is voltooid. De NAM werkt hier aan sinds 1947 en doet dit volgens strenge regelgeving, scherp toezicht en uiteraard waar dit veilig kan en in samenspraak met omgeving en overheden.

Daarom doet de NAM, als een nieuwe activiteit begint of een winningsplan moet worden vernieuwd, concrete toezeggingen aan onze buren. Bij een aardbeving groter dan 3.0 op de schaal van Richter of meerdere aardbevingen die significante schade en/of overlast veroorzaken, stoppen we er de gaswinning en sluiten we het betreffende gasveld. We willen daarmee naar onze buren duidelijkheid geven over de voorwaarden waaronder de NAM werkt. Daarnaast vinden wij het belangrijk dat onze buren en de omgeving ook baat hebben bij onze activiteiten. Daarom maken we bij nieuwe activiteiten vooraf afspraken hoe de omgeving voordeel heeft van onze aanwezigheid.

De problemen rond de gevolgen van de gaswinning in Groningen zijn nog niet opgelost. Dat gaat ondanks de inzet nog een tijd duren. Het Kabinet heeft onlangs het voornemen om het Groningen-gasveld de komende jaren definitief te sluiten weer bevestigd. Duidelijkheid daarover is voor alle betrokkenen, inclusief de NAM, van groot belang.