De resultaten van veel van deze onderzoeken zijn de basis van de Hazard and Risk Assessment (HRA) die de NAM uitvoerde tot 2019. De HRA is door de Raad van State erkend als het beste model om de risico’s in te schatten voor gebouwen boven het Groningen-gasveld. De wetenschap die werd verwerkt in het HRA model is gewaarborgd door teams van nationale en internationale experts en door de overheid. Sinds 2019 is dit onderzoekswerk voor een risicobeoordeling overgenomen door TNO onder de naam publieke Seismische Dreigings- en Risicoanalyse (SDRA) De NAM is niet langer betrokken bij dit onderzoekswerk.

NAM onderkent het belang van onafhankelijke kennisontwikkeling en is sterk voorstander van de vorming van een nieuw kennisnetwerk, onder toezicht van een onafhankelijke wetenschappelijke adviesraad.

Onderzoeksclusters 

Onder het onderzoeksprogramma van de NAM (2012-2019) werd onderzoek gedaan naar de relatie tussen gaswinning en veiligheid van bewoners in Groningen, onderverdeeld in zeven clusters. Tientallen instanties uit de hele wereld voerden dit onderzoek uit. Daarbij behoorden ook de NAM zelf, het KNMI, Deltares, en TNO in Nederland en Eucentre en LNEC in Italië en Portugal. Er zijn ook vele metingen gedaan in en boven het gasveld. Daarnaast werd het seismische monitoringsnetwerk flink uitgebreid.

Wat is het aardbevingsonderzoek?
De relatie tussen gaswinning en veiligheid

1. Gaswinning

Door gaswinning verandert de hoeveelheid gas in het veld. De gasdruk in de ondergrond neemt hierdoor af. Ook stroomt het aardgas in de ondergrond. Dit onderzoekscluster is erop gericht om beter zicht te krijgen op deze processen. 

2. Inklinken gaslaag (bodemdaling)

Het Groningse aardgas zit opgesloten in een zandsteenlaag op 3 kilometer diepte. Als de gasdruk afneemt, wordt dit poreuze gesteente samengedrukt. Deze ‘compactie’ kan bodemdaling en aardbevingen veroorzaken.

3. Aardbevingen

Seismische modellen laten zien of – en zo ja, waar en hoe – compactie tot bodemdaling en aardbevingen leidt. Door deze modellen verder te verfijnen, wilde de NAM krijgen we beter zicht krijgen op waar de meeste aardbevingen zijn te verwachten.

4. Grondbeweging oppervlak

Een aardbeving in de ondergrond voelt als een beweging van de bovengrond. Deze beweging – het trillen van de bovengrond – is bepalend voor de veiligheid. Daarom besteedden we als NAM veel aandacht aan het zo goed mogelijk voorspellen van de duur, richting en frequentie van deze beweging.

5. Blootstelling huizen en mensen

Om de gevolgen van de grondbeweging op de bebouwde omgeving te kunnen inschatten, moesten deze gebouwen eerst in kaart worden gebracht. Ook moesten we leren hoe verschillende typen gebouwen reageren op de grondbeweging.

6. Sterkte van huizen

Om de sterkte van bouwmaterialen en gebouwen vast te stellen, liet de NAM testen uitvoeren. Zo heeft er onderzoek plaatsgevonden waarbij huizen werden geschud op een triltafel. We vergaarden zo kennis over zwakke plekken in gebouwen. Ook werden met computermodellen aardbevingen nagebootst. Met de vergaarde kennis konden effectieve maatregelen voor versterking worden ontwikkeld.

7. Veiligheid

Op basis van de sterkte van gebouwen en een verwachting van de aardbevingen kunnen we de veiligheid van mensen inschatten. Hiervoor moet onder andere worden onderzocht waar mensen zich bevinden: overdag, ’s avonds en ’s nachts.

Onderzoeksrapporten

Hier vindt u de resultaten van onderzoeken die gedaan worden door de NAM op het gebied van gasproductie in het Groningen-gasveld.

Meer over Groningen-gasveld

Opruimen locaties Groningen

In 2018 heeft de minister van Economische Zaken en Klimaat (EZK) besloten om de gasproductie uit het Groningen-gasveld in 2022/2023 te stoppen.

Toezicht, controle en transparantie

NAM publiceert zo veel mogelijk onderzoek en zet relevante informatie online, zodat iedereen dit kan inzien en beoordelen.

Meten en monitoren Groningen

Het onderzoeksprogramma naar oorzaken en gevolgen van aardbevingen heeft veel behoefte aan metingen uit het gasveld. NAM houdt het Groningen-gasveld daarom intensief in de gaten.